-
Dik Brix, vr 18 december 2009 16:49
Ik zie de redenatie van Van Ginkel toch meer zitten dan die van Janssens. De conclusie van Janssens dat "mensen ondanks de onzekere en veranderende wereld waarin ze leven redelijk gelukkig zijn" is er eentje waar je alle kanten mee opkunt. Je ziet dat soort opmerkingen ook vaak in documentaires, of gewoon als opmerking van mensen in korte reportages, over sloppenwijken of andere wantoestanden in de wereld, waar dan beelden van lachende mensen en spelende kinderen bij worden getoond, naast alle ellende.
Tja, je moet wat als je daar zit...
Net zoals de achterstandswijken in de grote steden nu pracht- of krachtwijken heten. Statistisch en qua beleving is daar nog niets of nauwelijks iets veranderd, maar klinkt beter.
Uiteindelijk komt de stelling van Janssens toch neer op wantrouwen van statistieken en onderzoeken en geloof in de onderzoeken van HUMAN zelf. Een beetje te veel subjectief denk ik.
Het begrip 'gelukkig' wordt hiermee wel erg ver opgerekt, en zeker ook het begrip 'welzijn'.
-
J van Ginkel, do 17 december 2009 17:35
Dit verhaal komt mij te zwart wit over ...
I) Je bent niet voor of tegen de multiculturele maatschappij. Hoewel de retoriek van het debat dat soort termen graag gebruikt, zit de mens (en de samenleving) iets ingewikkelder in elkaar. Hoewel de retoriek ronkt, zal niemand echt denken terug te kunnen naar een `zuivere' homogene maatschappij - die overigens nooit bestaan heeft. Maar in die retoriek vervat zit kritiek op onderdelen van de maatschappij of van het maatschappelijk proces.
We leven in onzekere tijden, wat de kritiek alleen maar luidruchtiger maakt. Globalisatie en marktwerking levert de nederlandse economie, de nederlandse staat en de nederlandse samenleving best wel iets op ... maar op het individuele niveau zorgt het ook vaker voor stress. De samenleving verandert heel snel - economisch, sociaal en ook demografisch en cultureel. Mensen zijn in veel opzichten routine-beesten. Te veel verandering zorgt voor nog meer stress.
De veranderingen in het sociale stelsel kunnen economisch noodzakelijk zijn, sociaal zelfs verantwoord, maar toch zal het mensen niet het idee geven dat de toekomst er rooskleurig of veilig uitziet. Al zal de economie groeien, dan nog zijn de opmerkingen over klimaat, opraken van delfstoffen en vergrijzing geen oppeppende mededelingen. (Je wordt er niet echt vrolijk van ...) We leven in een tijdperk waarin de toekomstvisioenen over het algemeen gebaseerd zijn op angst, niet op positieve ideeën zoals in de jaren 50 en vooral 60 toen de sky the limit was. (Overigens vergeten mensen wel dat eind jaren 60 begin jaren 70 er echte geweldadige "migratierellen" plaatsvonden, zoals we ze nu helemaal niet zien!)
Wat ik bedoel te zeggen, de toekomst voor de maatschappij en het individu is veel onzekerder dan een paar decennia geleden. Dus, als je vraagt, ben je nu gelukkig of beter af dan 10 jaar geleden, zal het antwoord door de bank genomen `ja' zijn, maar ik ben benieuwd hoeveel procent denkt over 10 of 20 jaar beter af te zijn. Welke implicaties heeft dat voor de houding van veel medeburgers ...?
II) Wat betreft de luidruchtige minderheidstheorie, die gaat deels op ... maar gaat eraan voorbij dat er ook naar homo's toe veel variatie in acceptatie bestaat. Van een oprechte acceptatie en what's-the-problem-attitude via een onverschilligheid geleidelijk aflopend naar een ik-kan-er-niets-aan-doen-dus-het-moet-maar-houding (als het maar niet te dichtbij komt - vraag ook maar eens naar "wat vind u ervan als u zoon met een vriend thuis komt". Het percentage dat dan ongemakkelijk op zijn stoel begint te schuiven is niet onaanzienlijk.) is van alles te vatten onder `acceptatie'. Daarom heeft zo'n luidruchtige minderheid ook weldegelijk een vruchtbare grond om mee te werken. Bovendien wil niet zeggen dat als de acceptatie nu toeneemt (of tot nu toe is toegenomen) dit proces altijd in dezelfde lijn zich voortzet. Helaas leert ons de geschiedenis dat sociologische processen nooit alleen lineair zijn. Je moet je ervoor waken dat incidenten en intimidatie niet weer `geaccepteerd' worden.
(Wat dat betreft is het feit dat homo's nu minder vaak openlijk hun gevoelens durven uit te dragen dan 10 jaar geleden wellicht een teken aan de wand. Het is in ieder geval iets dat ik niet zomaar wegveeg met de verwijzing naar een luidruchtige minderheid, dus ga maar gerust slapen ..)
Als je dat toepast op de `multiculturele samenlevingsdiscussie', dan vergt dat toch iets meer dan `het zal wel goedkomen'....
III) Tenslotte, kankeren en gelukkig zijn gaan prima samen ... maar de vraag is of elke kritiek die je in de samenleving hoort alleen maar kankeren is, of dat er soms ook echte problemen zijn die serieus genomen moeten worden. (We stoppen toch niet om wille van gebakken lucht zoveel miljarden in allerlei wijken ...)
Bovendien wordt hier bij herhaling betoogd dat in een echte democratie ook de mening en gevoelens van minderheden (luidruchtig of stil) essentieel zijn voor de besluitvorming binnen die democratie. Dat zou dan ook voor deze minderheid moeten gelden ... zodat ook zij smelt als sneeuw voor de zon en versmelt in de nieuwe en onvermijdelijk steeds verder evoluerende diverse samenleving.