Bio Bekijk alles van Thea Hilhorst Word fan

Thea Hilhorst

Thea Hilhorst Hoogleraar humanitaire hulp

17 oktober 2011 Reageer (6) 336 x bekeken Wereld RSS

Dilemma's rond de voedselcrisis

Voedselhulp ligt onder vuur. Terecht?

Op Wereldvoedseldag gaat de aandacht dit jaar uiteraard naar de Hoorn van Afrika. De crisis in Somalië, Ethiopië en Kenia hangt samen met de ergste droogte in 60 jaar. Behalve in het door conflict geteisterde Somalië – waar de droogte tot hongersnood en sterfte leidt - is de crisis in de Hoorn bezworen met veel geld en voedselhulp. Het internationale humanitaire systeem werkt dus: een enorme vooruitgang vergeleken met de 20e eeuw. Wel blijft de vraag hoe dit in de toekomst zal gaan?

In de 20e eeuw zijn er volgens de meest conservatieve schattingen 70 miljoen mensen door hongersnood om het leven gekomen. In 2011 wordt, na een langzame start, de hongersnood voor miljoenen mensen afgewend. Van de 2,5 miljard Dollar die de Verenigde Naties nodig hadden voor de ramp, is in korte tijd al bijna 80% opgebracht. Voedselhulp houdt miljoenen in leven. Terwijl voedselhulp geassocieerd wordt met negatieve effecten op markten en ontwikkeling, is de werkelijkheid vaak anders. Voedselhulp kan juist zorgen voor prijsstabiliteit op lokale markten en behoedt mensen voor het verlies van hun laatste bestaansbronnen, zodat ze na de crisis de draad weer op kunnen pakken. Allemaal goed nieuws dus. Toch blijven er nog belangrijke vragen over.

Op dit moment is er wereldwijd nog steeds sprake van overvloed. Hoe zal het gaan als we weer in een periode van feitelijke schaarste terecht komen? De signalen zijn er. Bevolkingsgroei, een grotere vraag naar vlees en biobrandstoffen vormen een  toenemende concurrentie op landbouwgrond terwijl klimaatverandering de opbrengsten in veel landen juist aantast. Een incidentele crisis kunnen we aan, maar niet als die bijna elk jaar optreedt of permanent wordt. Om dat te voorkomen is méér nodig dan voedselhulp en ook méér dan ontwikkelingssamenwerking.

Volgens landbouweconoom Niek Koning ontkomen we niet aan drastische internationale maatregelen. Het gaat dan om de vraag naar graanverslindend rundvlees terug te dringen, landbouwproductie te verhogen ondanks de klimaatverandering, voedselprijzen via een internationaal systeem te stabiliseren, lokale markten in de armste landen te beschermen, en een internationaal sociaal vangnet.

De tweede vraag betreft de internationale verhoudingen. De internationale gemeenschap springt bij in crisis, getuige de grote bijdragen die nu naar de Hoorn van Afrika gaan. De motieven vermengen meelevendheid, solidariteit en eigenbelang – want stel je voor dat iedereen uit de Hoorn richting Europa trekt. Het is ondenkbaar dat een grote crisis met lokale middelen opgelost kan worden. Maar de lokale inzet moet er wel zijn. Hoe zit het met de lokale overheden? Willen zij zich echt inspannen om voedselcrisis in het land te voorkomen of wentelt men dit af op de internationale hulpverlening?

Een even belangrijke vraag is hoeveel ruimte lokale overheden in het internationale politieke spel krijgen om een goed voedselbeleid te ontwikkelen: zelf prijsbeleid maken, buffervoorraden aanleggen en hun markten zonodig beschermen?

De derde vraag betreft voedselhulp. Er is de laatste tijd naar aanleiding van de crisis in de Hoorn van Afrika heftig gedebatteerd of voedselhulp misschien afgeschaft moet worden. Het debat tussen vóór- en tegenstanders ontneemt het zicht op de vraag hoe voedselhulp beter kan. Voedselcrisis treedt het meeste op in landen die in conflict zijn of recentelijk in conflict waren. Voedselhulp is dan risicovol en zal dus nog beter moeten worden in het voorkomen van perverse effecten op de conflictdynamiek. Om negatieve effecten van voedselhulp te voorkomen, zoals het ondermijnen van lokale markten, moet voedselhulp veel specifieker worden ingezet en afgestemd op ontwikkeling.

Moeten we in een bepaalde situatie voedsel uitdelen of geld? Wanneer moet hulp beginnen en eindigen? Kunnen we voedselhulp gebruiken om mensen aan het werk te zetten voor infrastructuur projecten? Wanneer is het beter voedsel lokaal in te kopen? Dit zijn allemaal vragen die het verschil kunnen maken tussen goede en slechte hulp. Het antwoord is per situatie verschillend. Het humanitaire systeem zal dus nog verder hervormd moeten worden om meer planmatig in te spelen op de lokale economie en de politieke verwikkelingen van conflict.

Dit is een verkorte versie van de toespraak van Thea Hilhorst bij de bijeenkomst van afgelopen zaterdag in Amsterdam ter gelegenheid van Wereldvoedseldag.

Laatste Reacties (6) Reageer Reacties in wachtrij: 0

  • Joop Schouten, ma 17 oktober 2011 13:46 Reageer op Joop

    Joop

    '....hoeveel ruimte lokale overheden in het internationale politieke spel krijgen om een goed voedselbeleid te ontwikkelen.'
    Letterlijk en figuurlijk hangt aan alle ruimte een prijskaartje, is het ontmenselijkt en wordt het afgenomen door bedrijven, banken en corrupte leiders. Onder hun Trickle-Up spelregels wordt geen extra ruimte gegeven. ...
    ...
    Ondertussen trekt de crisis karavaan gewoon verder met volgevroten neoliberale gieren als begeleiders.

  • Joaquim Campesino, ma 17 oktober 2011 13:39 Reageer op Joaquim

    Joaquim

    De oplossing van onze overheid lijkt te zijn dat Ethiopië en de rest van Afrika geholpen moet worden om zich via een export strategie uit de armoede moeten handelen. Met hulp van Nederlandse landbouw methode willen ze bijvoorbeeld in Ethiopië rozen en bloembollen gaan verbouwen. Het maakt niet uit dat landbouw export nog nooit een volk uit de armoede heeft geholpen of dat de Nederlandse tuinders in Nederland ook massaal failliet gaan omdat er in die sector geen geld meer te verdienen is. Waar ze mee over zullen blijven is helaas een briljante Nederlandse uitvinding: bloembollen eten.

  • Frans Akkermans, ma 17 oktober 2011 14:41 in reactie op Joaquim Campesino Reageer op Frans

    Frans

    " Het maakt niet uit dat landbouw export nog nooit een volk uit de armoede heeft geholpen of dat de Nederlandse tuinders in Nederland ook massaal failliet gaan omdat er in die sector geen geld meer te verdienen is"

    U bent tegen export, dat is duidelijk. Derdewereldlanden mogen met export niets verdienen. Nu heeft de export van Nederlandse landbouwproducten ons geen windeieren gelegd. Om van andere landen als Amerika, Argentinie, Brazilie, Australie maar te zwijgen. Vietnam heeft een record gehaald in de rijstexport.
    En Nederlandse tuinders gaan niet massaal failliet. U zuigt teveel op uw duim.

  • Joaquim Campesino, ma 17 oktober 2011 15:20 in reactie op Frans Akkermans Reageer op Joaquim

    Joaquim

    Landen verdienen geen geld aal export. Individuen en overheden verdienen misschien geld aan export maar "landen" niet. Er gaan 6 boeren per week failliet in Nederland. Ondanks uw geweldige export. Waar zijn voor hun de windeieren? Inderdaad in de verwerkende voedsel industrie en de zaden multinationals. Dat Vietnam (een communistisch land) geweldige hoeveelheden geld verdient aan hun super goedkope koffie en rijst is juist een van de voorbeelden van wat er mis gaat met export. In de Filipijnen valt er daardoor geen droog brood meer te verdienen in de rijst teelt en in Ethiopië is de koffie niets meer waard door het bulk spul uit Vietnam.

    Boer zijn is gewoon niet een enorm winstgevende business tenzij je enorme stukken land hebt zodat je zelf niet op het veld hoeft te staan. Dan maakt het zoals in Argentinië en Brazilië een paar baronnen super rijk. Afrika kan zich echter niet de luxe verschaffen om nog meer van de voedselproductie aan de export weg te geven. Voedselhulpbronnen verkopen om Unilever en Nestlé producten uit Nederland te kopen is een strategie die nu al erg lang is uitgeprobeerd maar nog geen enkel ontwikkelingsland is er mee uit het moeras getrokken. Geef eens een echt voorbeeld van een landbouw exportland met een lage gini? Of is Vietnam echt uw enige verdediging voor het kapitalistische vrijhandelsideaal? Waarom zijn de meest vruchtbare landen ter wereld, vaak zo achtergesteld?

  • Frans Akkermans, ma 17 oktober 2011 16:44 in reactie op Joaquim Campesino Reageer op Frans

    Frans

    Statistisch gezien stoppen er inderdaad zes boeren per dag. Hun bedrijf wordt niet overgenomen, de productiemiddelen in de regel wel. Dat is iets anders dan failliet gaan. Er gaan bijna geen boeren failliet. Die afvloeiing is al eeuwen wereldwijd aan de gang en komt door productiviteitsstijging.

  • Frans Akkermans, ma 17 oktober 2011 19:54 in reactie op Joaquim Campesino Reageer op Frans

    Frans

    "Waarom zijn de meest vruchtbare landen ter wereld, vaak zo achtergesteld?"

    Dat heeft te maken met de slechte ruilvoet voor agrarische producten. Je moet steeds meer koffie of melk leveren om je kunstmest of trekker te kunnen kopen. En ja, in de landbouw wordt je niet of zelden rijk, vergeleken met andere economische sectoren of beroepen. Heeft te maken met de eigenaardigheden van de landbouwmarkten. Je bent prijsnemer, je kosten kun je niet doorberekenen. Het gaat er niet om dat je met exporteren uit het moeras geraakt. Wel dat die exporten bijdragen in ontwikkeling en welvaartsgroei. En dat doen ze onmiskenbaar. Vergeet niet dat ze ook hun arbeidsoverschotten niet via emigratie kwijt raken en zich industrieel ook niet (kunnen/mogen) ontwikkelen. Blijft over wat er in de grond zit en wat erop groeit. Wat u en andere autarkisten ook mogen beweren, de koopkracht zit in de geïndustrialiseerde wereld, dus als je wat verdienen wilt moet je daar wat afzetten. .

 

Reageren

opiniemakers

Populair

Scroll naar boven Scroll naar boven